Een tweede woonst in Spanje of Portugal: de definitieve vergelijkende studie

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

Toegegeven, ze liggen in een wel erg innige omhelzing, daar op het Iberisch schiereiland. Maar dat wil nog niet zeggen dat Spanje en Portugal tot dezelfde pot nat behoren. Dat zal u ook merken als u uw oog laat vallen op een tweede woonst in Spanje of Portugal.

Om te beginnen is Spanje zo’n vijf keer groter dan Portugal. De twee verhouden zich als grote broer en het kleine, soms wat vervelende opdondertje.

Portugezen maken van nostalgie en melancholie haast een kunstvorm – saudade – terwijl Spanjaarden luidruchtiger zijn, maar hun blik ook meer naar de toekomst richten.

En verder: andere taal, andere tijdszone, andere culinaire geneugten en een andere mentaliteit bij de bevolking – de aspecten die Spanje en Portugal verdelen zijn minstens even uitgesproken als degene die hen verenigen.

spanje vs portugal

Ook hun respectieve vastgoedmarkten verschillen duidelijk. Lees verder voor de ultieme vergelijkende studie tussen Spanje en Portugal.

Cultuur

Smaken en kleuren, we weten het wel. Maar één ding kunnen we wel objectief stellen: de cultuur van Portugal is homogeen, die van Spanje niet.

De regionale verschillen zijn in Portugal een pak kleiner dan in Spanje.

España is een smeltkroes van culturen en nationaliteiten die er door de eeuwen heen hun invloed hebben achtergelaten. Spanje is meerdere landen inéén. De cultuur is rijker, meer divers.

Een voorbeeld: vergelijk Baskenland met Andalusië en de verschillen zijn reuzegroot, zowel culinair als op het vlak van tradities, dans, enzovoort.

flamenco

Flamenco: wat kent een Bask daar nu van?

Breek een Bask de bek niet open over flamenco, want zijn traditionele volksdans ziet er helemaal anders uit. Vraag ‘m niet om paella te maken – dat is een gerecht uit Valencia. Hij zal eerder het water in de mond krijgen van gezouten kabeljauw, pintxos en stoofpotjes met tonijn.

Een Antwerpenaar vraagt u toch ook niet naar zijn recept voor Gentse waterzooi?

Portugal kent die spagaat veel minder. Daar zal u van Braga tot Faro ongeveer dezelfde cultuur aantreffen.

Klimaat

De verschillen tussen beiden zijn miniem.

Spanje is groter en kent dus meer variatie in geografie en klimaat. Noord-Spanje is koeler, terwijl Andalusië zowat de heetste steden van Europa herbergt. Het zuiden is werkelijk broeierig warm. Het mediterrane klimaat van het oosten, onder andere aan de Costa Blanca, is door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) uitgeroepen tot het gezondste ter wereld.

strand in benidorm

De Costa Blanca: gezondste klimaat ter wereld.

Portugal ligt uitgestrekt langs de Atlantische Oceaan. Vele grote steden liggen aan de kust. De variatie in klimaat is dus minder uitgesproken. De invloed van de oceaan koelt een en ander af, al merkt u daar tijdens zomerse hittedagen weinig van. De zomer duurt een halfjaar in de Algarve en Lissabon. De hoofdstad heeft een gemiddelde januaritemperatuur van 11 graden Celsius. Winters zijn er mild en vochtig.

Culinair

Tapas, jamón iberico, gambas met look, tortilla, de moleculaire keuken die hoogtij viert: in Spanje komt ieder beetje foodie uitstekend aan z’n trekken.

Portugal zet daar een stevige cafécultuur tegenover, vooral in Lissabon, naast de befaamde portwijn uit Porto, de zoete pasteitjes uit Belém en veel lekkers uit de zee. Kabeljauw is de vis bij uitstek, in kroketten, stoofpitten of simpelweg gegrild met citroen en kruiden. Over het algemeen is de Portugese keuken meestal frisser en wat lichter, de Spaanse steunt wat meer op vlees.

Pastéis de Belém: Portugese lekkernij.

In beide landen kan u lekker eten, laat daarover geen twijfel bestaan.

Maar, zonder te veel op hetzelfde nageltje te willen kloppen, Spanje is groter. Daardoor is de Spaanse keuken diverser. De delicatessen verschillen van regio tot regio. Paella, gazpacho en koude looksoep in het zuiden, warme en hartige stoofpotjes in het ‘koude’ noorden.

Ook de Spaanse wijnen worden internationaal stevig naar waarde geschat en moeten niet onderdoen voor de Franse of Italiaanse. Om nog maar te zwijgen over de Spaanse sherry, gerijpt op eikenhouten vaten.

Stranden

De aantrekkingskracht van de Spaanse stranden zit ‘m al in de naam. Costa del Sol, de kust van de zon. Costa Blanca, de witte kust – genoemd naar de parelmoeren stranden.

De zuiderse stranden van Spanje behoren tot de zonnigste ter wereld. Aan de Costa Blanca schijnt de zon zelfs 320 dagen per jaar. Geen wonder dat de stranden niet enkel tot de aantrekkelijkste, maar soms ook tot de drukste van Europa behoren. Vooral in de zomer ligt u met uw handdoek soms op de oppervlakte van een zakdoek.

Gelukkig is er veel keuze: geen enkel land heeft meer stranden met een Blauwe Vlag. Dat is een onafhankelijk keurmerk dat stranden beoordeelt op veiligheid en waterkwaliteit. Dankzij die overvloed zijn er ook rustige stranden te vinden, onder andere in de kleine vissersdorpen in Galicië en Andalusië.

Zandstranden, azuurblauw water, dramatische klippen, romantische kreken: Spanje biedt voor elk strandkonijn wat wils. In Portugal is dat niet anders. Vele van de mooiste stranden liggen in de buurt van steden als Lissabon, wat hen erg bereikbaar maakt. De golven van de Atlantische Oceaan zorgen er bovendien voor dat surfers zich in Portugal als een, euh, vis in het water voelen.

surfer in Portugal

Surfers voelen zich thuis in Portugal.

Levenskost

Zowel Spanje als Portugal zijn beduidend goedkoper dan België. Gemiddeld duikt het Portugese prijsniveau nog nét iets dieper dan het Spaanse. Portugal is zo’n 11 procent goedkoper dan Spanje. Zeker wat betreft boodschappen en uiteten biedt Portugal veel waarde voor weinig geld. In Spanje zijn kleren, auto’s en benzine dan weer goedkoper.

spanje versus portugal prijzen

En ook niet onbelangrijk, zeker als u eraan denkt in het buitenland te werken: in Spanje liggen de lonen een pak hoger dan in Portugal. Een hogere Spaanse levenskost is er dus niet noodzakelijk synoniem met minder koopkracht. En al zeker niet als u teert op een Belgisch inkomen: restaurants zijn in Spanje zo’n 35 procent goedkoper dan in ons land, boodschappen doen kost u er zo’n 30 procent minder.

Taal

Spaans is veel gemakkelijker te leren als Portugees. Temeer omdat u minder vaak de kans zal krijgen om over te schakelen op Engels. Het gros van de Spanjaarden kan nog geen pintje bier bestellen in de taal van Shakespeare. Uitzondering: de grote steden, de kusten en andere toeristische trekpleisters.

Veel Portugezen spreken wel Engels, omdat ze geen gedubde films en series door hun strot geramd krijgen. Die onhebbelijke gewoonte hebben ze in Spanje wel. En u wilt echt niet weten hoe Homer Simpson klinkt in het Spaans. Of net wel.

Soit, we wilden het eigenlijk hebben over het Spaans. Die taal is relatief eenvoudig onder de knie te krijgen en opent een hele nieuwe wereld. Letterlijk: u kan niet enkel in Spanje uw weg vinden, maar in zowat het hele Latijns-Amerikaanse continent. Het is dus ook simpelweg een nuttigere taal om te kennen.

En ook al moet u er een gewoonte van maken een v als een b uit te spreken, u zal uw tong nooit in een veertiendubbele knoop moeten leggen. Wat bij het Portugees wel het geval is: die taal klinkt voor de leek als Spaans met een Russisch accent.

Transport en infrastructuur

Portugal is kleiner, dat zeiden we al. De Alfa Pendular, de Portugese hogesnelheidstrein, stopt in alle belangrijke steden. Al rijdt die vaak niet aan al te hoge snelheid. Portugal is compacter en de meeste mensen wonen aan de kust. Daardoor is alles dichtbij.

In Spanje ligt dat wat anders. De omvang van de uit de kluiten gewassen buurland zorgt ervoor dat de Spaanse hst niet in alle grote steden stopt. De focus ligt er sowieso meer op hoofdstad Madrid. Daar staat tegenover dat alle belangrijke Spaanse steden verbonden zijn met goedkope bussen.

En het openbaar vervoer binnen de steden en regio’s doet het sowieso merkelijk beter in Spanje dan in Portugal. U moet slechts de metrokaarten van Lissabon en Barcelona naast elkaar leggen om dat te beseffen. Denk ook aan de gebruiksvriendelijke, goedkope kusttram aan de Costa Blanca.

costa blanca tram

De kusttram aan de Costa Blanca: gebruiksvriendelijk en goedkoop.

De Portugese infrastructuur is veel minder ontwikkeld dan die in Spanje. Regionale treinen zijn tot op de draad versleten, het verkeer op de bruggen in Lissabon schuifelt tergend traag vooruit. De metro biedt weinig soelaas: het netwerk is veel te klein voor een stad van die grootte.

Nee, dan is het Spaanse verkeersnetwerk veel beter uitgerust. Het land tet ontelbaar veel snelwegen, velen daarvan nieuw en niet al te druk. Spanje heeft ook veel splinternieuwe luchthaven, een gevolg van een ziekelijke jaloezie tussen de regionale politici. Doe er als expat uw voordeel mee.

Sowieso is het gemakkelijker en goedkoper om in Spanje te geraken – meer luchthavens, meer goedkope vluchten. Wat niet wil zeggen dat het een bom geld moet kosten om in Portugal te landen, maar de opties zijn wel schaarser.

Gezondheidszorg

Spanje heeft een van de beste systemen voor gezondheidszorg – niet enkel in Europa, maar in de wereld. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) rangschikte het systeem mondiaal op nummer zeven. Mooi meegenomen: de gezondheidszorg is gratis, ook voor buitenlanders. De Spaanse overheid financiert een en ander met belastingen.

Het effect is duidelijk: Spaanse mannen worden gemiddeld 80,1 jaar, vrouwen 85,5 jaar. Enkel in Japan zijn de oudjes kraniger.

De Portugese gezondheidszorg doet daar slechts een beetje voor onder, nummer twaalf volgens WHO. De levensverwachting voor mannen en vrouwen is er respectievelijk 78,2 en 83,9. In Portugal dient u wel een kleine som te betalen om er gebruik van te maken.

Vastgoed kopen

Beide landen scoren regelmatig hoog in lijstjes van mensen die willen uitwijken naar de zon. Zowel Spanje als Portugal zijn gewild door investeerders met oog voor buitenlands vastgoed. Onder meer de aantrekkelijke prijzen voor woonsten zorgen ervoor dat de Iberische tweeling veel potentieel heeft voor projectontwikkeling.

Meer zelfs: internationale makelaarsbureaus plaatsen Spanje en Portugal meestal naast elkaar in hun top-5 van beste Europese landen om vastgoed te kopen. De redenen zijn vanzelfsprekend: de prijzen van appartementen, huizen of villa’s gaan er omhoog, zonder dat de limiet al in zicht is.

De bomen groeien, met andere woorden, opnieuw tot in de hemel. Wie er nu investeert, kan met een cocktail in de hand in een strandstoel terugzakken en z’n investering zien stijgen in waarde.

Klinkt verdacht hard als hetzelfde liedje dat een decennium geleden tot een economische crisis zonder weerga leidde?

Geen paniek. De kater veroorzaakt door die crisis is al lang weer in z’n hok gekropen. Spanje en Portugal zijn uit het dal gesukkeld. De sleutelindicatoren, inclusief huisprijzen, duiden opnieuw op groei. Vastgoed vindt snel afnemers en het gros van de woonsten vertegenwoordigt een goede waarde voor het geld.

En zoals Johan Cruijff het zei: elk voordeel heb z’n nadeel. Door de crisis zijn beide overheden kritischer geworden bij het accrediteren van bouwmaatschappijen, wat de algemene kwaliteit deed stijgen. Uiteraard gaat u wel best enkel in zee met betrouwbare makelaars en projectontwikkelaars.

Een tweede woonst in Spanje of Portugal: een vergelijking

  • Prijzen. Uiteraard hangt de kost van huisvesting zeer af van de gewenste regio en zelfs buurt, zowel in Spanje als in Portugal. Door de band genomen is Portugees vastgoed wel wat goedkoper. Dat wil niet zeggen dat Spanje duur is: ook daar krijgt u veel meer waar voor uw geld als in België.
  • Aanbod. In Spanje hebt u als investeerder veel meer keuze uit betaalbare eigendomen.
  • Extra kosten. Die liggen in Spanje lichtjes hoger dan in Portugal. Met name de notaris kost er meer. Ook de overdrachtsbelasting voor bestaande woonsten, of de registratiekosten voor nieuwe woonsten zal u in Spanje harder voelen in uw portefeuille. Daar staat tegenover dat andere legale kosten in Portugal vaak hoger uitvallen, alsook de btw verschuldigd op nieuwe gebouwen.
  • Hyptheken. De mogelijkheden om een lening aan te gaan, zijn vergelijkbaar in beide landen. In Portugal is het evenwel moeilijker om er effectief een te krijgen – de voorwaarden zijn er strenger.
  • Belastingen. Liggen doorgaans wat lager in Portugal, maar veel hangt af van het soort eigendom waarover het gaat.

Conclusie

Zowel Spanje als Portugal hebben een enorm potentieel voor marktgroei, een warm en zonnig klimaat en een veilige gemeenschap. Met andere woorden: het is in beide landen aangenaam toeven voor expats.

Wij geven de voorkeur aan de altijd zonnige costa’s in Spanje, omwille van de taal, de infrastructuur en vooral de ruime keuze aan instapklare appartementen, huizen en villa’s. U ook? Dan kunnen wij u helpen uw droomwoonst onder de Spaanse zon te vinden. Contacteer ons vrijblijvend.

Vragen? Contacteer ons!