9 keer puur Spanje om te ontdekken in 2021

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

Vraag een leek naar zijn idee van Spanje en hij zal niet verder komen dan een rist clichés. Mooie stranden, zon, sangria. Natúúrlijk horen die geneugten bij het leven in Spanje. En uiteraard geniet u daar als ervaren Spanjeganger eveneens van. U zou zot zijn om het niet te doen. Maar, zo weet u ook, Spanje is meer dan dat. Véél meer.

Spanje om te ontdekken

In Spanje kan u elke dag van het jaar een ander regionaal gerecht eten. Bloedmooie, diverse natuur ontdekken. Cultuur opsnuiven in grootsteden of charmante dorpjes. Kortom: tenzij u een allergie hebt voor de mooie dingen van het leven, geraakt u nooit uitgekeken op Spanje. Of u er nu woont of gewoon regelmatig op vakantie gaat, Spanje is een leven lang ontdekken.

Voor wie ook verder wil kijken dan zijn neus lang is, lanceerde de Spaanse Dienst voor Toerisme in Brussel een gratis inspiratiemagazine met 42 tips voor 2021. Wij plukten er enkele van onze favorieten uit. Zet u neer voor stevige portie voorpret.

Natuur en actief genieten

1. Verborgen waterparadijzen

Algar waterval

Wie zegt dat u naar de Middellandse Zee moet trekken om af te koelen? Ook wat verder van het strand zijn er voldoende mogelijkheden om de hitte even te ontlopen. De Regio Valencia – zeg maar het hinterland van de Costa Blanca – ligt bezaaid met watervallen en verborgen meren. Neem nu de watervallen van Algar, waar het heerlijk zwemmen is in natuurlijke poelen. Koop een voorraadje nisperos, het oranje lentefruit van de Spaanse costa’s, en loop via de houten trappen naar boven voor een picknick. Ook El Salt is de moeite: een meer, een waterval en gek gevormde gesteente. In de buurt vonden wetenschappers resten van neanderthalernederzettingen. Zelfs 50.000 jaar geleden wisten ze al wat goed was!

>>Meer info op de officiële website van de Watervallen van Algar (Las Fuentas d’Algar/Les Fonts d’Algar), inclusief routebeschrijving vanuit Benidorm, Alicante en Valencia.

>>El Salt ligt in La Portellada, op vijftien minuten rijden van Alicante. Meer info op de website van de toeristische dienst.

2. Vissers van Murcia

vuurtoren in Cartagena, Murcia

Stapt u nooit op het vliegtuig zonder vislijn (best wel ingecheckt in de boordbagage)? Of bent u gewoon nieuwsgierig naar het leven van een visser uit Murcia? Scheep dan in voor een dagje aan boord van een authentieke vissersboot. De gids maakt u wegwijs in de geschiedenis van de visserij in de regio. Daarna is het tijd voor de praktijk. Een pescador van vlees en bloed brengt u de kneepjes van het vissersvak bij. Later volgt u de vangst naar de vismijn. Wie weet eet u die avond wel het visje dat u de visser met eigen ogen zag vangen. Verser kan niet.

>>Zelf matroos voor één dag worden? Check de website van Turismo Marinero Murcia voor alle info.

3. Golfen in Huelva

golfbaan in Murcia

Natuurlijk kan u in België aan uw handicap werken, tussen de hagelbuien en de windstoten door. Maar geef toe dat u uw swing liever oefent met het zonnetje op de snoet. Aan de Costa del Sol schijnt de zon 320 dagen per jaar. Hoe zegt u ‘optimale omstandigheden’ in het Spaans? In Huelva werd de golfsport in Spanje geboren. Engelse mijnwerkers legden hier in 1916 het eerste golfterrein op het Iberische schiereiland aan. Nu liggen er in de nabije omgeving van de stad negen perfect getrimde golfbanen, bij de kust, in de heuvels, tussen zandduinen of dennenbomen. De baan van Islantilla Golf Resort, het decor van een Europees Master-toernooi, is wellicht de indrukwekkendste. Als u hier geen hole-in-one slaat, dan nergens.

>>Meer info over golfen in de buurt van Huelva vindt u bij de toeristische dienst van de stad.

Cultuur

4. Moorse dorpjes van La Alpujarra

Alpujarras

Tussen Granada en Almeria, in het hinterland van de Costa del Sol, strekt zich La Alpujarra uit. Deze bergachtige regio staat bekend om z’n groene akkers, gevoed door de smeltende sneeuw van het hoogtegebergte, een oase in vergelijking met de verdorde streek er rond. Toch trekken vooral de cultuur en geschiedenis van La Alpujarra toeristen. Als laatste bolwerk van de Moren ligt de streek bezaaid met bergdorpen in het wit. Toen de christelijke Castilianen de Moren – Spaanse moslims, zeg maar – tot hun religie wilden bekeren, trokken sommige Moren zich in de bergen. Nu zijn de piepkleine dorpjes, zoals Pampaneira en Capileira, charmante en fotogenieke tijdsmachines.

>>Meer info over La Alpujarra bij de toeristische dienst van Andalusië.

Gastronomie

5. Almadraba-route

tonijnvangst

Aan de zuidelijke kusten van Spanje zou het doodzonde zijn om niet af toe een visje op uw bord te laten belanden. De Middellandse Zee is een heerlijke bron van culinair genot. Omdat ook toekomstige generaties nog willen smullen van al dat lekkers, gebeurt de visvangst bij voorkeur zo duurzaam mogelijk. Gelukkig wisten de Feniciërs 2000 jaar geleden al hoe ze duurzaam tonijn moesten vangen. Met de zogenaamde Almadraba-techniek: een soort doolhoven die ze maakten met hun visnetten. Zo vermeden ze ook ongewenste bijvangst. En wat goed is, geraakt niet uit de mode. Daarom gebruiken vissers in dorpen als Barbate, Conil, Tarifa en Zahara de los Atunes de techniek nog altijd. Smulpapen kunnen het resultaat van zoveel vernuft proeven tijdens gastronomische festivals.

>>De toeristische dienst van Andalusië creëerde een Almadraba-route om de tonijn en de eeuwenoude techniek om ‘m te vangen beter te leren kennen.

6. Murcia, Spaanse Hoofdstad van de Gastronomie 2021

Murcia was dit jaar al de Spaanse Hoofdstad van de Gastronomie. Met dank aan dat vervelende virus verlengt de stad die titel voor een jaar. Niet dat we klagen, want de keuken van Murcia is er een om duimen en vingers van af te likken. De altijd aanwezige zon laat de ingrediënten hier tot volle smaak rijpen. Geen wonder dat de regio bekendstaat als de moestuin van Europa. Groenten spelen een hoofdrol in de gerechten die op Murciaanse tafels belanden, maar ook liefhebbers van gezouten vis en schaaldieren hebben geen reden tot klagen. Stoofpotjes, slaatjes en hartige vis- en vleesgerechten: in Murcia eet u elke dag van de week uw bord zonder morren leeg.

>>Leer meer over Murcia als Spaanse Hoofdstad van de Gastronomie.

7. De geboortegrond van paella

Wie een beetje thuis is in Spanje, weet dat paella oorspronkelijk uit Valencia komt. Maar voor de echte wortels van dit heerlijke gerecht moet u de natuur in. Naar natuurgebied L’Albufera, een lagune ten zuiden van de stad. De bewoners aan de boorden van dit zoetwatermeer, het grootste van Spanje, maakten de eerste paella. Niet zo vreemd, want deze regio verbouwt het leeuwendeel van de Spaanse rijst. Het meer is bovendien vergeven van palingen, die eveneens regelmatig in de paellapan belanden. Volgens kenners kan u nog altijd de beste paella eten in ingeslapen vissersdorpjes als El Palmar. Uw smaakpapillen zullen u bedanken.

>>Zelf proeven van al dat lekkers? Meer info bij de toeristische dienst van Valencia.

Verrassende routes

8. Stappen in het hinterland van de Costa Blanca

U hebt de tips uit ons culinaire blokje ter harte genomen en sleept nu enkele extra kilo’s mee die u liever ziet verdwijnen? Koppel het nuttige aan het aangename en ga voor een lange staptocht in het hinterland van de Costa Blanca. De Gran Ruta Costa Blanca Interior, ofte GR330, is 432 kilometer lang, op te delen in 20 dagetappes. Ga voor de hele hap of selecteer zorgvuldig de secties die u het meest interesseren. Wat u ook kiest, u passeert langs beeldschone plaatjes: stranden, bergen en wildernis doorbroken door amandel- en olijfbomen, boom- en wijngaarden, ravijnen, lagunes en klein dorpjes. Een prima manier om de Costa Blanca eens van ‘de andere kant’ te bekijken.

>>Zin om uw wandelschoenen aan te gespen? Rep u naar deze pagina van de toeristische dienst Costa Blanca voor meer informatie.

9. Een Andalusische treinrit om nooit te vergeten

Natuurlijk kan u opteren voor een veel te krappe huurwagen. Maar een veel leukere manier om Andalusië te ontdekken, is vanachter het raampje van een trein. Nee, geen overvolle beestenwagons, waarvan de airco het net op het verkeerde moment begeeft. Wel luxetrein Al Andalus, die u niet enkel door het landschap transporteert maar eveneens door de tijd. Want dit “paleis op wielen” is helemaal ingericht zoals in de jaren 20, toen reizen per trein enkel weggelegd was voor de beau monde. Eten gebeurt in een salon met gesteven tafellakens en het soort servies dat de bomma enkel met de kermis bovenhaalt. Vanuit Sevilla gaat de reis langs Cadiz, Jerez, Ronda, Linares, Úbeda en Baeza totdat u op dag zeven aankomt in Cordoba. Nu maar hopen dat het reisschema wat stipter is dan dat van de NMBS.

>>All aboard! Voor een treinrit met Al Andalus, in de luxe van de jaren 20.